Herstelmelding werknemer is niet altijd leidend

Artikel
01-10-2026

Een werknemer is bijna twee jaar ziek en meldt zich ineens volledig hersteld. Hij wil weer aan het werk en vindt dat zijn werkgever zijn loon moet blijven betalen. Het UWV lijkt hem daarin te steunen. Toch krijgt de werknemer bij de rechter geen gelijk. Wat betekent dit voor werkgevers?

Herstelmelding na bijna twee jaar ziekte

De werknemer werkte sinds 2011 als directeur. In april 2024 viel hij uit wegens ziekte. Naast medische beperkingen speelde een arbeidsconflict. Volgens de bedrijfsarts stond dat conflict herstel en terugkeer naar het werk in de weg.

De bedrijfsarts adviseerde daarom meerdere keren mediation. Begin 2026 vond een eerste gesprek plaats, maar het conflict bleef bestaan.

In maart 2026 was de bedrijfsarts nog duidelijk: de werknemer kon zijn eigen werk niet doen en herstel binnen 26 weken lag niet voor de hand. Nog geen drie weken later meldde de werknemer zich volledig hersteld en wilde hij zijn werk hervatten.

De werkgever accepteerde die herstelmelding niet.

Het UWV lijkt werknemer gelijk te geven

De werknemer vroeg vervolgens een deskundigenoordeel aan bij het UWV. Daaruit volgde dat hij per eind maart geschikt kon worden geacht voor zijn werk, mits mediation had plaatsgevonden.

Voor de werknemer was dat een belangrijk argument. Volgens hem kon hij weer werken en moest de werkgever daarom zijn loon betalen. De werkgever wees juist op de bedrijfsartsrapportages. Daaruit bleek volgens hem dat de werknemer nog beperkingen had en dat het arbeidsconflict niet was opgelost.

De rechter moest daarom beoordelen of voldoende aannemelijk was dat de werknemer weer volledig kon werken.

Rechter volgt UWV niet

De rechter kende het deskundigenoordeel geen doorslaggevende betekenis toe. Het oordeel was voorwaardelijk geformuleerd: de werknemer was geschikt te achten mits mediation had plaatsgevonden. Ook was geen hoor en wederhoor toegepast, was geen informatie bij behandelaars opgevraagd en vond de rechter de conclusie onvoldoende gemotiveerd.

Daar kwam bij dat de bedrijfsarts kort vóór de herstelmelding nog had geoordeeld dat de werknemer zijn eigen werk niet kon doen. Ook ná de herstelmelding constateerde de bedrijfsarts nog beperkingen. Het arbeidsconflict was bovendien nog steeds niet opgelost.

De werknemer had naast het deskundigenoordeel geen andere stukken ingebracht waaruit bleek dat hij volledig arbeidsgeschikt was.

Geen loon na ziekteperiode

De periode waarin de werkgever tijdens ziekte het loon moest doorbetalen, was inmiddels verstreken. Daarna kon de werknemer alleen aanspraak maken op loon als voldoende aannemelijk was dat hij zijn eigen werk weer kon doen.

Volgens de rechter was dat niet het geval. Daarom wees hij zowel de loonvordering als de vordering tot wedertewerkstelling af.

Take away: een herstelmelding zegt niet alles!

Een herstelmelding betekent niet dat je als werkgever altijd zonder meer van volledige arbeidsgeschiktheid moet uitgaan. Zeker wanneer de bedrijfsarts kort daarvoor nog anders oordeelde, is het verstandig om naar het hele dossier te kijken.

Ook een deskundigenoordeel van het UWV hoeft niet doorslaggevend te zijn. De inhoud en onderbouwing daarvan tellen mee, net als recente beoordelingen van de bedrijfsarts en andere omstandigheden die werkhervatting kunnen belemmeren.